Filmgesprek: Renko en Maurice kijken ‘Audition’

Het werd hoog tijd voor een Filmgesprek met filmmaker, videokunstenaar en zelfverklaard Nietzschiaan Renko Koppe. Hij koos de film Audition (1999, Takashi Miike). Dit was onze nazit: 

Maurice: Wat is er zo mooi aan de Japanse taal?

Renko: Die klinkt een beetje als een muziekinstrument, als zacht getokkel. Heeft iets heel rustgevends vind ik, bijna hypnotiserend.

Hypnotiserend is Audition zeker, maar rustgevend allerminst.

De film bouwt heel rustig op. Het eerste deel is bepalend voor hoe je de droom aan het einde moet interpreteren. Die droom is een uitbeelding van de emoties die hoofdpersoon Aoyama eerder heeft ervaren.

De droom staat voor de angsten die horen bij de sprong in het diepe van een nieuwe relatie. In dit geval, de angsten van een weduwnaar die verliefd wordt op een veel jongere vrouw.

Precies. Aoyama moet zijn angsten loslaten om iets nieuws binnen te laten in zijn leven. Hij droomt bijvoorbeeld dat zijn nieuwe vriendin zijn zoon naar het leven staat. Dat is een uitbeelding van Aoyama’s angst dat zij die zoon niet zal accepteren. Op die manier worden er door geweld herkenbare dingen uitgebeeld.

Je zei, voor we begonnen met kijken, dat het een goede film is omdat hij raakt in het hoofd, het hart en de maag.

De gouden drie-eenheid.

Zijn er veel films die aan deze drie-eenheid voldoen, of zijn die een zeldzaamheid?

Lost Highway voldoet ook, een andere favoriete film. Veel films van David Cronenberg en Takeshi Kitano. De meeste goede films doen het op hoofd en hart heel aardig. In veel slechte films wordt alleen de maag aangesproken. Bijvoorbeeld Saw 2 tot en met 7 of Hostel.

Dat is eigenlijk alleen maar kitsch.

Ja. Ik houd van heftige beelden die de maag aanspreken, van gewone menselijke emoties die op een viscerale manier worden uitgebeeld. Maar wanneer hoofd en hart worden verwaarloosd zit je dus met een lege maag. In de zeldzame gevallen waarin ze alle drie worden aangesproken, versterken ze elkaar ook. Bij Audition is het heel goed gedaan. Er zijn maar weinig regisseurs die geweld zo gebruiken dat het een psychologische lading krijgt. De emoties komen dan met een bulldozer door je gevel heen. En op zo’n manier voel ik er ook meer bij. Ik merk altijd dat ik minder voel dan de meeste mensen. En een film als deze compenseert dat.

Moet je dan steeds je grenzen verleggen, steeds heftiger beelden tot je nemen?

Dat valt wel mee. Bij veel dingen mis ik het gevoel, maar de dingen die me echt raken voel ik des te heviger.

Het is niet zo dat jij een grotere hang hebt naar het abjecte dan anderen?

Die voorliefde is er wel, daar kan ik niet omheen. Ik mis het niet persé als het afwezig is, zolang het hoofd en het hart dan maar voldoende worden aangesproken.

Is het zo dat je minder voelt dan de meeste mensen, of dat je door andere dingen geraakt wordt dan de meeste mensen?

Ik word door minder dingen geraakt. Ik loop niet zo warm voor dingen waar de meeste mensen warm voor lopen. Ik heb daar een veel groter eisenpakket bij, waardoor ik altijd nog even door moet zoeken voor ik enthousiast word.

En je eigen films? Zoek je daarin ook naar die gouden drie-eenheid van hoofd, hart en maag?

Ik zoek nog naar de juiste vorm. Ik ben daar bescheiden in, dat moet ook nog in dit stadium, vind ik. Je kunt wel goede ideeën hebben, maar om ze over te brengen zijn jarenlange arbeid en verfijning nodig. Als beginnend kunstenaar moet je vooral veel doen en je niet laten tegenhouden door eventuele mislukkingen en misstappen, want die heb je ook nodig. Je kunt het niet meteen helemaal goed doen. Kon dat maar.

Trek jij je veel van de kritiek van anderen aan?

De eerste die kritischer op mij is dan ikzelf moet ik nog tegenkomen.

En als je die tegenkomt?

Dan hoop ik dat het een vrouw is, want dan kan ik met haar trouwen. Met een man kan je ook trouwen, maar dat trekt me minder.

Kan die zelfkritiek van jou ook verlammen of is die altijd constructief geweest?

Die heeft mij vele jaren ernstig verlamd en ik kan die nu door mijn opleiding aan de HKU een beetje loslaten. Ik wilde eerder alleen maar naar buiten treden met dingen waar ik trots op was. Heel tegenstrijdig: ik was altijd kritisch, maar uit angst voor kritiek heb ik veel te weinig gedaan. Nu maak ik dingen en ik laat ze zien, en dan hoor ik wel wat mensen er wel en niet goed aan vinden. Laat ik heel pretentieus Nietzsche citeren…

Daar gaan we!

‘De ontgoochelde spreekt: ik luisterde of er weerklank kwam en hoorde slechts lof.’ Je kunt jezelf alleen verbeteren met kritiek. Complimentjes krijg ik van mijn moeder. Ik houd van haar, maar voor nuttige feedback ga ik naar andere mensen. Ik haat slecht onderbouwde complimenten. Ik kan niet tegen premières waar iedereen elkaar veren in de reet steekt terwijl je eigenlijk wil zeggen: doe het nog tien keer over, dan wordt het misschien wel wat.

De vrouw met wie jij gaat trouwen moet ook op de première eerlijk zijn.

Mensen die altijd lachen, vriendelijk zijn, daar win je toch niks mee.

Dat is toch prettig in de omgang.

Prettig in de omgang, dat is mijn moeder ook en met haar ga ik ook niet trouwen.

Maar je houdt wel van haar. Dat zei je net tenminste.

Dat klopt. Slecht voorbeeld. Ik verwoord het bot, dat doe ik nou eenmaal graag.

Je verwoordt het bot en dan maak je daar min of meer excuses voor. Dat zou Nietzsche nooit gedaan hebben.

Ik meen eigenlijk alles wat ik zeg. Maar dat neemt niet weg dat er om gelachen kan worden.

Wat is het laatste dat je gemaakt hebt?

De korte film Stimulus, samen met Michael Creutzburg en Jeroen Zwart, klasgenoten op de HKU. Een film in de stijl van een andere Japanse regisseur, Shinya Tsukamoto.

Wat is er aan de hand met de hoofdpersoon in Stimulus, die door jou wordt gespeeld?

Hij mist gevoel in zijn bestaan. Hij zoekt dat op in extreme prikkels, in pijn en geweld. Hij probeert zijn identiteit terug te vinden en te bevestigen door geweld.

Hij is ook masochistisch. Hij laat zich in elkaar timmeren.

Ja, om maar iets te voelen. En om te bevestigen dat hij ook invloed heeft op zijn omgeving.

Ben jij een sadist of een masochist?

Daar heb ik veel over nagedacht. Uiteindelijk toch een masochist. Ik denk dat de verhouding 60/40 is.

Waarom overheerst het ene?

Dat is het Nietzschiaanse in mij. ‘Was mich nicht umbringt, macht mich stärker.’ Pijn is een heel leerzaam iets, daar word je sterker van.

Ook als je het over jezelf afroept?

Zo zwart-wit is het niet. Het moet nooit om de pijn zelf gaan, dan werkt het alleen maar verlammend. Je moet jezelf en anderen niet kwellen om het kwellen. Maar je moet dingen niet uit de weg gaan omdat ze pijn kunnen doen. Daar moet je gewoon doorheen, de gifbeker helemaal leegdrinken. Pas dan kun je verder.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.